Archief It Bûthúsbankje |
10146 Wietse Leistra op It Bûthúsbankje

De betekenis van It Bûthúsbankje.

In de meeste Friese stallen was dit bankje van grote betekenis .
Alhoewel geen standaardmaten, waren er volgens mij 2 verschillende soorten bankjes waar ik in dit artikel graag even verder op in wil gaan.

Bankje 1 was vrij hoog en konden 2 personen op zitten bestemd voor de eigenaar meestal veeboer, deze had vaak weinig personeel en die gingen meestal ook mee naar binnen om te schaften, het bankje was meer voor ontvangst van gasten zoals veekooplui maar ook veel verschillende andere mensen.
Hier werden dan vaak alle nieuwtjes op allerlei gebied uitgewisseld en soms met sterke verhalen.
Dus bestemd voor de eigenaar en evt. gasten

Bankje 2 was een lager en groter bankje hoofdzakelijk voor de arbeiders om te schaften hier konden 4-5 personen op zitten de thermosflessen stonden dan op de grond.
Dit bankje kwam veel voor op een gemengd bedrijf en werd in de herfst en winter veel gebruikt alleen om te schaften en maximaal 15 minuten.
De arbeid bestond dan voornamelijk uit aardappelsorteren en vlasrepelen en andere binnenwerkzaamheden.

De belangrijkste dag voor iedereen was 1 nov. allerheiligen.
Op deze dag moesten de arbeiders zo nodig apart bij de boer komen en wel op It Bûthúsbankje daar werd dan vaak beslist of het jaarcontract wat van 12 mei tot 12 mei liep mocht blijven of dat er weer omgezien moest worden naar een andere boer.
Dit kwam zeer regelmatig voor en had dan soms grote gevolgen voor het hele gezin.

De plaats van het bankje was altijd achter de koeien tegen de muur.
Meestal was het daar heerlijk warm door de mest en de warme koeien.
Het enige probleem was dat de afstand tussen het bankje en de koeien maar klein was en vaak kwam het voor dat de koeien door het voer b.v. van bietenkruiden behoorlijk in de schijterij waren en ook nog moesten hoesten met alle gevolgen van dien.
03-01-2014.

Graag evt. aanvullingen sturen naar Wietse Leistra schrijver van dit artikel
w.leistra@hotmail.com

Om nooit te vergeten. 1954

Wij woonden in 1954 op de O.B.Dijk St.Jac.Par. en ik werkte toen bij Jan Kramer op Halfweg.
Van boer Kramer moest ik ‘s avonds even naar Buus om een berichtje te brengen, hij woonde recht tegenover de Kadal westelijk van Kobus en Dukke van der Zee, de vader van o.m. Tjeerd van der Zee.
Nadat ik volluk had geroepen kwam Buus aangelopen en groette ik hem vriendelijk met “goeie Buus” dat had ik niet moeten doen, want ik kreeg pardoes en flinke klap tegen mijn hoofd en kon opdonderen.
Wat ik dan ook heel snel deed en was mij echt van geen kwaad bewust.
Toen ik bij Jan Kramer kwam en het verhaal vertelde moest hij eigenlijk lachen en vertelde dat dit zijn echte naam niet was en waarschijnlijk Gerrit Terpstra heette.
Ik kreeg het idee dat hij het zelf niet eens zeker wist, maar ben er niet weer geweest.
Nadien hebben ze altijd de naam Buus en Griet gehouden.

Nog enkele bijnamen uit die tijd:

•Jaap Ronda:
“Jaap Aai” O.B.Dijk.

•Jaap de Jong:
“Jaap Lieg” O.B.Dijk.

•Jaap ???:
“Jaap Tor” naam ??? St. Jac. Par.

•Marten Tietsma:
“Marten Langerak” St.Jac.Par.

•Piet de Jong.
“Piet Suup” was jarenlang melkboer op de Oudebildtdijk oosthoek.
Later zoon Jaap Suup (de Jong) hij was melkboer aan de kadal onder Oudebildtdijk.

•Germ van Kammen.
“Dove Germ” Oudebildtdijk oosthoek.

•Sjoerd de Vries familie de Vries had eerst een garage bedrijf en fietsenhandel aan de Hofstraat, later aan de kadal.

“Sjoerd Pik”.
•Arjen ???
“Erjen Pikelo” woonde op de Oude Bildtdijk.
Deze man fluitte altijd, vente met bokkings op Oude Bildtdijk e.o.

•Jan Appelhof
“Kleine Jan Appelhof” Oudebildtdijk oosthoek.

•Hendrik Hoekstra.
“Hendrik Hoek” Loonbedrijf Oosthoek O.B.Dijk.

Wietse Leistra 8851 GB Hearewei 21 Tzummarum.

Heb je op- of aanmerkingen over dit archief-item? Maak dan gebruik van de onderstaande envelop!

*Vermeld altijd de titel van het archief-item in het onderwerp of het bericht.

Stuur dit naar iemand