Klooster-lidlum.

Vanaf 1254 stond hier het Premonstratenzer klooster Vallis Mariae of Mariadal.
Het was in 1182 vanuit Mariengaarde gesticht als kanunnikenklooster, en lag aanvankelijk wat dichter bij de Waddenzee aan de kapellewei, maar het opdringen van de zee maakte verplaatsing dieper het land in noodzakelijk.
Naar een van de beide oprichters werd het ook wel Lidlum genoemd. Later brachten zij het onder de Premonstratenzer orde.
Wegens overstromingsgevaar werd het klooster in 1232 meer landinwaarts verplaatst, en in 1254 onder Sibo Deimta, de vijfde abt van het klooster, nogmaals.
In de 13e eeuw werd het klooster intensief betrokken bij het onderhouden van de zeedijken van de Middelzee, en kwam bijna geheel Boksum aan het klooster.
In het klooster, dat door wallen was omgeven, woonden toen zo’n 600 mensen.
Vanuit het klooster werden de parochies van Lutkewierum, Oosterzee, Berlikum, Sexbierum, Spannum, Winsum, Tzummarum, Menaldum, Bozum, Welsrijp, Herbaijum, Huins, Baard, Oosterlittens, Britswerd en Hoorn (Terschelling) bediend.
Als Premonstratenzer klooster koos het de kant van de Vetkopers en streed het onder andere tegen Roorda’s van Tzummarum, met de Sjaardema’s van Franeker en zelfs met de schiere monniken van het klooster Bloemkamp.