De Hervormde Kerk te Tzummarum samenvatting.

Het huidige gebouw is de opvolger van de (veel kleinere) kerk, die in de 13e eeuw werd gewijd en hoorde bij de Abdij Lidlum.
Deze middeleeuwse kerk werd in de jaren zeventig van de negentiende eeuw gesloopt.
De bij de kerk horende laatgotische toren met een zadeldak bleef bestaan; na de bouw van de huidige (veel grotere) kerk werd het zadeldak vervangen door een achtzijdige naaldspits.
Het gebouw werd in 1877 in gebruik genomen.
Het huidige neogotische kerkgebouw is, evenals de torenspits en het hek rond het kerkhof, een ontwerp van architect Stoett, die onder meer de voormalige Schouwburg de Harmonie en het Anthonygasthuis in Leeuwarden ontwierp.
Bij het ontwerp voor de kerk in Tzummarum ging hij uit van de romp van de laatgotische toren met korfbogen en spitsbogen.
Ten tijde van de bouw was een kerk in de neogotische stijl redelijk uniek in Friesland: neogotisch gold als een "Roomse" stijl. Ook het ruimtelijk plan is uniek: een kruiskerk met een weinig buiten het schip stekend transept, waarvan de kap even hoog is als die van het schip.
Tegen de recht gesloten oostelijke gevel is het consistorie geplaatst, dat een zadeldak bezit, wat een verlaging van de noklijn te zien geeft.
Daardoor wordt de indruk gewekt dat de kerk een absis heeft.
Het schip heeft tweeledige spitboogsvensters en het consistoriedeel afgeplatte korfboogvensters, die wellingen bezitten met driepassen.
Deze gedrukte boogvorm is terug te vinden bij de hoofdingang in de zuidelijke gevel.
De deurpartij heeft een versierde en geprofileerde stucomlijsting en de steunberen die de deur flankeren bezitten forse pinakels in lichtgekleurd stucwerk.
De kerk zelfis in schoonmetselwerk opgetrokken.
Tot aan het transept zijn steunberen tegen het schip aangebracht.
De muurvlakken van het transept worden alleen onderbroken door (aan weerszijden) ťťn lancetvormig venster.
De constructie tussen kap en tongewelf wordt gedragen door forse consoles, ingeweld met van visblaasmotieven voorziene cirkels.
De consoles rusten op kapitelen met blad- en bloemmotieven van slanke drieledige muurzuilen, die met eveneens floraal versierde kraagsteentjes ter hoogte van de onderdorpel van de ramen worden beŽindigd.
De randen van het plafond die de dakconstructie overbruggen bezitten in stucwerk eveneens deze motieven.
Als tegenwicht voor de kansel-orgelpartij aan de oostzijde, is in de gevel aan de torenzijde een grote rondbogige nis aangebracht, gedragen door twee slanke muurzuilen.
Hierbinnen is een (blind) roosvenster met een ornamentering van festoenen en (ongotische) bloemtrossen aangebracht.
Het kerkmeubilair (kansel, orgel, kerkenraadsbanken, psalmborden) is in neogatiek uitgevoerd.
In 1951 werd de kerk gemoderniseerd, waarbij het schip werd verdeeld: de twee traveeŽn bij de toren vormen de "voorkerk", de overige ruimte werd als kerk ingericht.
De boeiende transeptkruising werd volledig weggewerkt.
Het Van Dam-orgel verhuisde van boven de kansel in de oostgevel naar de westelijke tussenwand.
Het ronde tongewelf werd weggewerkt achter een flauwgebogen plafond.
Het fraaie opengewerkte koorhek verdween.
Aan de buitenkant werden de nissen in de transeptgevels opgevuld.

Bron: Hervormde Kerk in Tzummarum viert eeuwfeest (rapport nr. 2 19181977) - Stichting moderne architectruur Friesland.