Schoolmeesters in Firdgum
Dit dorpje, meestal kerkelijk gecombineerd met Tzummarum, heeft af en toe in de 17e en 18e eeuw een eigen schoolmeester gehad.
Aangezien de kerkrekeningen slechts vanaf 1783 bewaard gebleven zijn (gedeponeerd in het Rijksarchief te Leeuwarden) en mij ook uit andere bronnen slechts weinig over Firdgum onder ogen kwam, kan de lijst slechts fragmentarisch zijn.
Trouwens men moet zich in die kleine dorpjes in die tijd de schoolmeester niet al te officieel voorstellen.
Een of andere boer of timmerman of verver, die 's winters weinig te doen had en er de lust toe gevoelde, nam dan zo'n winterschooltje waar, als er namelijk een genoegzaam aantal leerlingen was; anders ging het gewoon over, zoals sommige instructies laten zien.
Was er dan nog een eigen predikant, dan werd ook een kerkdienaar (koster, voorzanger) vereist, aan welke betrekking op het platteland bijna altijd de schooldienst verknocht was.
Maar in gecombineerde gemeenten nam de predikant, die in de hoofdplaats der combinatie woonde, "zijn" kerk- en schooldienaar in de regel mee voor de diensten in de combinatiedorpen.
Dan was dr dus helemaal geen geregelde kerk- en schooldienaar nodig.
Zo zal ook te Firdgum slechts af en toe school gehouden zijn.
De volgende schoolmeesters zijn mij aldaar bekend.
In sept. 1677 was mr. Hessel Hijlckes schooldienaar te Firdgum en was Diuke Dirksdr. zijn vrouw.
Hij is hier te Firdgum overleden.
In 1689 stond hier mr. Dirk Hessels, geboren omstreeks 1666 en blijkbaar een zoon van de vorige meester en genoemd naar de vader van zijn moeder.
Hij werd in okt. 1689 tot lidmaat aangenomen.
Hij trouwde op 30 juli 1694 met Eelk Sippes van Minnertsga en op 25 febr. 1700 werd hun zoon Sippe gedoopt.
In mei 1710 stond hij hier nog.
Op 10 mei 1733 werd aangenomen tot lidmaat: mr. Watze Clases, toen reeds schoolmeester te Firdgum.
Hij trouwde in okt. 1735 met Antje Joekes van Sexbierum en was in 1749 nog schoolmeester te Firdgum.
Ze zijn hier beiden overleden.
In april 1766 kwam hier mr. Albartus Winsemius, schooldienaar, van Ferwoude.
Hij werd op 8 mei 1766 tot lidmaat aangenomen.
Zijn vrouw was Agnietie Gelder, dochter van ds. Bernardus Gelder van Gaast-Ferwoude.
Zij is waarschijnlijk in 1765 te Ferwoude overleden , want op 4 dec. 1765 vond boedelinventaris plaats.
Hij is evenwel te Firdgum op 1 sept. 1771 hertrouwd met Tietie Melis van Hoorn van Franeker.
De meester die tevens dorprechter was,is hier omstreeks 1782 overleden.
Zijn weduwe Tietie kom hier in 1792 nog voor en is in 1807 overleden.
In nov. 1782 was mr. Johannes Wijpkes Elsinga hier schoolmeester en dorprechter.
Tot zijn jaarlijkse emolumenten behoorden later o.a. ook "14 cargld. voor 't gemis van de Duivemat in den toren".
De duiven waren dus blijkbaar uitgeroeid.
Ook op sommige ander plaatsen waren die duiven in de toren ten voordele van de schooldienaar (vanwege de duivenmest nl.), mits het dak van de kerk schoonhoudende.
Toen in 1792 de Firdgummer kerk afgebroken was, vonden de boeren het zeker vanwege hun erwten enz. maar beter dat de duiven verdreven werden.
Maar voor de meester was dit een schadepost; vandaar de 14 gulden vergoeding.
De vrouw van de meester was - in 1789 reeds - Sijtske Tjeerds.
Hun zoons Sipke (4 aug. 1795) en Freerk (16 febr. 1801) zijn hier geboren.
Een andere zoon Tjeerd overleed op 6 sept. 1828 te Franeker, oud 36 jaar, arbeider, geboren te Firdgum en ongehuwd.
In 1815 werd het schooltje nog bediend door mr. Elsinga, doch vr 1817 werd het opgeheven, ongetwijfeld wegens te gering aantal leerlingen.
De oude J.W. Elzinga leefde hier in 1883 nog en heette nog steeds "master".
De school was echter verdwenen.
In de "Publicatie der klassificatie van de scholen in het Departement Vriesland" van 21 okt. 1806 wordt ze nog genoemd als een schooltje van de 3e rang (kleinste scholen).
Ook in de lijst van Friese scholen van 1815 komt Firdgum nog voor, doch in die van 1817 (provinciaal archief) niet meer.
Noch in de "Nieuwe Schooldistrict-Verdeeling in Friesland" van 26 sept. 1827, noch in de lijsten van scholen in de Friesche Volksalmanak van 1836/37, noch in de"Lijst van scholen en onderwijzers in Friesland in 1846" komt Firdgum voor.
In 1867 evenwel wordt te Firdgum wederom een nieuweb openbare lagere school geopend.
Aan het hoofd werd op 1 aug. van dat jaar Pieter J. Smidts geplaatst.
Hij was hulponderwijzer te Akkrum.
Op 15 juni 1867 was het vergelijkend examen gehouden.
Hij stond hier niet lang, want hij vertrok reeds op 1 febr. 1869 als hoofd van de school naar Bergum.
Omstreeks april 1869 kwam Hermannus Sterringa; hij was hulponderwijzer te Bergum en ruilde dus van woonplaats met zijn voorganger.
Deze onderwijzer is in 1898 niet-eervol ontslagen vanwege onzedelijke handelingen.
In 1899 kwam zijn opvolger S. Gorter, hoofd van de school te Lenthe (Ov.).
Onder zijn hoofdschap werd in 1902 een nieuwe school gebouwd.
Hij vertrok in 1906 naar Enschede.
Hij werd toen opgevolgd door D. Leijenaar van Idsegahuizen.
Deze werd op 1 april 1911 hoofd van de school te Holwerd.
In 1911 kwam A. Venema, onderwijzer te Leeuwarden en eerder te Houtigehage.
In 1914 werd hij hoofd van de school te Oudkerk.
Als zijn opvolger werd M. Reidsma, onderwijzer te Sexbierum, op 24 nov. 1914 te Firdgum benoemd.
Op 13 sept. 1933 heeft de gemeenteraad ook deze school opgeheven.
Dit besluit werd goedgekeurd door Gedeputeerde Staten.
Een beroep op de Kroon werd bij Koninklijk Besluit van 26 jan. 1934 ongegrond verklaard en dus werd de school in 1934 gesloten.

Bron: Fryske Akademy.